Biologische monitoring van organofosfaten

Om te kunnen bepalen of bij werknemers sprake is van blootstelling aan bestrijdingsmiddelen van het type organofosfaten is biologische monitoring een essentieel onderdeel. In 2009 verscheen een studie waarin biologische monitoring werd gebruikt om na te gaan of sprake was van blootstelling. Daarnaast werd gekeken naar eventuele gezondheidseffecten bij de blootgestelde werknemers.

organofosfaten

In de studie werd bij 90 mensen blootgesteld aan organofosfaten en 30 controlepersonen bloed onderzocht op de activiteit van twee enzymen die betrokken zijn bij de afbraak van organofosfaten in het lichaam Het ging om Erythrocyte acetylcholinesterase (AChE) en butyrylcholinesterase (BuChE).

Er werd gemeten in een periode met hoge blootstelling en in een periode met lage blootstelling en uit de resultaten blijkt dat de activiteit van de enzymen in de blootgestelde groep significant lager was dan bij de controlepersonen. In de periode van hoge blootstelling was de concentratie AChE 20,73 ± 0,99 U/gHb en de concentratie BuChE 3,73 ± 0,19 U/mL,  P < 0.001). In de periode met lage blootstelling was de concentratie AChE 29,81 ± 1,19 U/gHb en de concentratie BuChE 4,92 ± 0,19 U/mL.

Dat wijst op een verband tussen blootstelling aan organofosfaten en de remming van cholinesterasen en daarmee zou deze test geschikt zijn voor biologische monitoring van organofosfaatblootstelling.

Bron:

Cholinesterase activity, pesticide exposure and health impact in a population exposed to organophosphates
by Sirivarasai Jintana, Kaojarern Sming, Yoovathaworn Krongtong, Sura Thanyachai. International Archives of Occupational and Environmental Health May 2009

Lees ook:

Multipel Myeloom in de agrarische sector