Longontsteking door blootstelling aan paraffine

Wanneer mensen paraffine of een andere vettige substantie inhaleren of anders in de longen krijgen, kan een speciale vorm van longontsteking ontstaan: de lipoïd pneumonie. Hierover werd al in de jaren zeventig geschreven in het NTvG: Lipoïd-pneumonie ten gevolge van het gebruik van paraffine-houdende laxantia.

Zo nu en dan wordt ook in de werksituatie een dergelijk verband gevonden, zoals blijkt uit een recent artikel (2016) over drie gevallen van lipoïd pneumonie bij werknemers van een ijzergieterij die chronisch blootgesteld waren aan een aerosol van paraffine. Paraffine werd door hen gebruikt bij het maken van mallen en bij reparaties.

In de binnenlucht in de fabriek werden aanzienlijk hogere concentraties paraffine gevonden dan in de buitenlucht. Bovendien werden bij longonderzoek diffuse afwijkingen over de hele long gevonden. In het sputum werden macrofagen aangetroffen met ingesloten lipiden. Ook was sprake van lokale fibrose. Het gaat weliswaar om een zeldzame longaandoening, maar voor de aanpak en preventie is onderscheid met andere longaandoeningen essentieel. Onder aan dit artikel vindt u de samenvatting van deze publicatie.

Vuurvreter
Vuurvreter

Overigens wordt lipoïd pneumonie ook gevonden bij vuurvreters. Zie onder meer een artikel uit 2012
Exogenous lipoid pneumonia – a case report of a fire-eater en uit 2014 Exogenous Lipoid Pneumonia (Fire-eater’s Lung)

 

 

 


Investigation of rare chronic lipoid pneumonia associated with occupational exposure to paraffin aerosol.

Authors: Han C, Liu L, Du S, Mei J, Huang L, Chen M, Lei Y, Qian J, Luo J, Zhang M

J Occup Health. 2016 Sep 30;58(5):482-488

Abstract

OBJECTIVES: Occupational exposure to paraffin is an infrequent cause of lipoid pneumonia (LP) and related data are scare. We investigated the possible relationship between three rare cases of chronic LP and occupational exposure to paraffin aerosol in an iron foundry.
METHODS: The three cases of LP and their workplaces were investigated using data from field investigations, air monitoring, pulmonary radiological examinations, cell staining, and lung biopsies.
RESULTS: The patients had long-term occupational exposure to paraffin. X-ray diffraction testing revealed that the raw material from the workshop was paraffin crystal. The air concentrations of paraffin aerosol in workplaces were significantly higher than outdoor background levels. Small diffuse and miliary shadows with unclear edges were observed throughout the whole lungs via radiography. Computed tomography revealed diffuse punctate nodules and a high density of stripe-like shadows in both lungs (ground-glass opacity in a lower lobe, and a mass-like lesion and high translucent area near the bottom of the lung). Lipid-laden macrophages were found in the sputum and bronchial lavage. A broadened alveolar septum and local focal fibrosis were also discovered via lung biopsy. The inflammatory reaction in the lung tissues appeared to resolve over time.
CONCLUSIONS: These three rare cases of chronic LP in workers during molding and repair processes were associated with occupational paraffin aerosol exposure. Therefore, primary prevention is essential for molding or repairing workers in the iron foundry, and a differential diagnosis of occupational chronic LP (vs. pneumoconiosis) should be considered when treating these workers.