Plantensap met zon slecht voor de huid

Lekker buiten zijn tijdens het werk heeft soms onverwachte gevolgen. Zoals bij het oogsten van bleekselderij in de volle zon.

Land- en tuinbouwers hebben tegenwoordig vaak een veldje van een kwart of een halve hectare bleekselderij. Het is een smakelijk, nieuw en goed verkoopbaar, maar bepaald geen onschuldig gewas. Dat bleek onlangs in West-Friesland. Twee boerinnen, die bleekselderij hadden geoogst en daarna met hun armen in de zon zaten, kregen daar flinke brandplekken op. De Amsterdamse arts G. van der Laan raadpleegde wat buitenlandse vakliteratuur, bedacht dat bleekselderij wel eens een familielid zou kunnen zijn van de berenklauw en kon zo een verklaring voor de mysterieuze brandplekken geven.

Zo begint een artikel in Trouw in 29 maart 1995 van Aldert Schipper dat verder ingaat op de plannen van het dan net opgerichte Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (NCvB).

Huidaandoening door plantensap met zon

Wat bleekselderij en zon met de huid doen wordt aangeduid met fytofotodermatitis. Dat is een acute, meestal blaarvormende ontsteking van de huid veroorzaakt door het gecombineerde effect van zonlichtblootstelling én contact met bepaalde planten: fyto = plant; foto= licht; dermatitis = huidontsteking.

Bepaalde plantensoorten bevatten stoffen die de huid gevoeliger maakt voor zonlicht. Wij noemen dit fotosensibilisatie. Meestal gaat het om de zogenaamde “furocoumarines” of  “ psoralenen” (zoals in de  berenklauw) , maar soms ook andere lichtgevoelige stoffen zoals  anthrachinon-derivaten (bijv. in boekweit en St.Janskruid). Deze stoffen worden pas “geactiveerd” na blootstelling aan zonlicht en dan vooral door het ultraviolet A (UVA) deel van de zon. 

Na activatie van deze stoffen ontstaat er op de contactplaats een huidreactie die te vergelijken is met een heftige zonnebrandreactie.  Zonder gelijktijdige blootstelling aan zonlicht zullen de toxische reacties dus NIET optreden bij contact met de plant.

Boosdoeners

Het gaat onder meer om de volgende planten:

SchermbloemigenRuitfamilieOverig
engelwortel
citrusvruchtenvijg
kervelvuurwerkplantboekwijt
pastinaakwijnruitSt.Janskruid
bereklauw
(bleek)selderij
peterselie
dille
maggiplant
wortelen
anijs

Na contact met één van de genoemde planten in de zon ontstaat er binnen enkele uren tot enige dagen op de aan zon blootgestelde lichaamsdelen (meestal handen, onderarmen en onderbenen) een scherp begrensde, grillige, streepvormige of bandvormige huidreactie. Er is sprake van roodheid, bultjes, blaasjes en zelfs blaren. Er is meestal sprake van pijn en jeuk. In enkele gevallen kunnen de huidreacties zo heftig en uitgebreid zijn dat de patiënt moet worden opgenomen en behandeld als een brandwond patient. Na dagen tot weken na het incident ontstaan er op de contactplaatsen grillige  roestbruine donkere plekken. Deze plekken verdwijnen op den duur vanzelf, maar dat kan maanden en soms jaren duren.

Diagnose en maatregelen

De diagnose kan meestal gesteld worden op grond van het verhaal van de patiënt en de typische huidafwijkingen. Aanvullend onderzoek is niet nodig. De diagnose kan worden gemist als de patiënt zelf de relatie met plantcontact niet legt of dat de arts geen idee om welke plantensoorten het kan gaan.

De aandoening wordt behandeld als was het een brandwond. Voorkomen van klachten betekent alert zijn op de boosdoeners onder de planten. Daarnaast moet zeker overdag direct huidcontact met de planten worden vermeden door het dragen van handschoenen, lange mouwen en lange broek. Werken in de volle zon kun je beter vermijden, maar bewolking houdt niet alle UV A straling van de zon tegen.

Series Navigation<< Lyme als beroepsziekteEerst snoeien, dan hoesten en proesten >>