Technostress; een nieuwe werkrisico?

Bedreigt technologie onze gezondheid? Gezien het aantal boeken en artikelen dat uitkomt over de risico’s van computers en mobiele telefoons zou je dat wel denken. Het gaat over de invloed van het ‘nieuwe werken’ en de druk van de voortdurende bereikbaarheid. Er zijn inmiddels diverse publicaties over de risico’s van technostress. Is hier sprake van een nieuw werkrisico, of toch een oud risico in een nieuw jasje?

Eind 2012 komt de FNV naar buiten met een nieuw risico in het werk; de technostress. De FNV heeft hier samen met het Hugo Sinzheimer Instituut van de Universiteit van Amsterdam verkennend onderzoek naar gedaan. Zij maken zich zorgen over de opmars van het mobiele werken met laptops, tablets en smartphones en wat dat betekent voor de lichamelijke en psychische gezondheid van werkenden. Uit literatuuronderzoek en een enquête onder werknemers concluderen ze dat werknemers inderdaad steeds meer hinder ondervinden van technostress. De druk op werknemers om altijd bereikbaar te zijn zorgt steeds vaker voor fysieke en psychosociale klachten.

Popma stelt in zijn onderzoek dat uit de literatuur duidelijk blijkt dat het intensief gebruik van mobiele communicatiemiddelen niet zonder risico is. Werknemers die vaak hun smartphone ter hand nemen, rapporteren betrekkelijk vaak klachten aan vingers, polsen en nek/schouderregio. Ook blijken nogal wat intensieve gebruikers klachten van psychische aard te rapporteren – informatiemoeheid, lichamelijke vermoeidheid, burn-outachtige signalen. Deze bevindingen uit de literatuur komen ook terug in de uitkomst van de door de FNV uitgevoerde web-enquête. Bovendien lijkt de druk op werknemers om altijd bereikbaar te zijn toe te nemen. Dat werknemers bereikbaar moeten zijn voor hun baas of collega’s, ook in hun vrije tijd, wordt door veel werknemers als onplezierig ervaren. Ook dit wordt bevestigd door de web-enquête van de FNV.

Popma zegt dat mag worden aangenomen dat het aantal mobiele werknemers de komende jaren nog fors zal toenemen. Dit betekent dat meer werknemers worden blootgesteld aan de gesignaleerde risico’s. Hij vindt het dan ook wenselijk om nu al na te denken over strategieën om op een (meer) verantwoorde wijze om te gaan met de nieuwe technologische mogelijkheden – niet alleen in het belang van werknemers, maar ook van bedrijven.

Nu is technostress bepaalt niet nieuw. De term werd voor het eerst in 1984 gebruikt voor de onmogelijkheid om op een gezonde manier met nieuwe computertechnologieën om te gaan (Brod, 1984). Later werd de definitie verbreed naar de som van alle negatieve effecten die de kop op steken wanneer individuen proberen om met nieuwe IT om te gaan, dit door steeds nieuwe technologische vaardigheden te leren om zo aan de hogere productiviteitseisen te voldoen (Şahin, & Çoklar, 2009).

In een master thesis van de Universiteit van Gent wordt verslag gedaan van een onderzoek in de praktijk naar het verband tussen technostress en burnout, waarbij 177 computerwerkers werden ondervraagd. Het bleek dat computergebruik inderdaad technostress kan veroorzaken op vijf verschillende manieren, te weten 1] een overload aan technologie, 2] het binnenvallen van technologie in het privéleven, 3] de onmogelijkheid om met complexe technologie om te gaan, 4] technologie die de baanzekerheid bedreigt en 5] technologie die onzekerheid veroorzaakt. Er lijkt ook een relatie te bestaan tussen technostress en burnout en computergebruik heeft mogelijk invloed op de psychologische gezondheidstoestand van werknemers. Daarbij wordt opgemerkt dat een positieve houding ten opzichte van computers soelaas kan bieden. Dat heeft namelijk een matigende werking op het effect van techno-overload, techno-invasie, techno-onveiligheid en burnout, maar niet op techno-complexiteit en techno-onzekerheid. Of hier sprake is van causale verbanden wordt in het midden gelaten.

Begin mei 2013 verscheen ook de uitslag van een enquête naar technostress onder 529 jongeren tussen de zeventien en 30 jaar.  Het onderzoek geeft aan dat bereikbaarheid voor jongeren een duidelijke keuze is: de helft van de jongeren raakt er niet gestrest van, omdat zij er bewust voor kiezen om offline te gaan wanneer dat zo uitkomt. Ruim een kwart ervaart helemaal geen stress en vindt altijd online en bereikbaar zijn juist handig (Managersonline, 2013).

Alles overziend lijkt er niet echt sprake van een nieuw risico, maar eerder van een ‘oud risico’ van mentale en soms lichamelijke overbelasting ‘in een nieuw jasje’. Elke ingrijpende verandering in onze manier van werken kan natuurlijk aanleiding geven tot stress; soms gebeurt dat door nieuwe technologie, maar het kan evengoed een organisatorische of relationele verandering betreffen. Of de gezondheid van werknemers schade lijdt door het toenemend werken met mobiele apparatuur is goed mogelijk, zeker wanneer niet wordt voldaan aan ergonomische eisen. Dat geldt ook voor eventuele eisen van voortdurende bereikbaarheid en beschikbaarheid. Het lijkt dan ook vooral van belang dat mensen de keus hebben om daarin al dan niet mee te gaan. Jongeren gaan ons bij het maken van die keus al voor.

Bronnen:

  • Jan Popma Techno-stress; Verkenning van een risico in opkomst Onderzoek in opdracht van de vakcentrale FNV en HUGO SINZHEIMER INSTITUUT UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM Amsterdam, 18 december 2012
  • C. Brod (1984), Techno-stress: The human cost of the computer revolution, Reading: AddisonWesley
  • Şahin, Y. L., & Çoklar, A. N. (2009). Social networking users‟ views on technology and the determination of technostress levels.  Procedia Social and Behavioral
    Sciences, 1, 1437-1442.
  • Technostress, burnout en de modererende rol van computer self-efficacy:
    Een onderzoek bij administratief bedienden in Vlaanderen. UNIVERSITEIT GENT Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen Academiejaar 2010-2011
  • http://www.managersonline.nl/nieuws/13503/jongere-heeft-helemaal-geen-last-van-technostress-.html 
  • https://www.beroepsziekten.nl/technostress-een-nieuwe-werkrisico